La Grande Chapelle olv. Albert Recasens

deSingel
La Grande Chapelle
olv. Albert Recasens
za 17 okt 2015
Blauwe zaal
Grote Podia
20 uur 21.10 uur
er is geen pauze
inleiding 19.15 uur
Adeline Bouckaert
Blauwe foyer
2015-2016
Carmina latina
La Grande Chapelle olv. Albert Recasens
za 17 okt 2015
Choeur de Chambre de Namur & Cappella Mediterranea & Clematis
olv. Leonardo García Alarcón
wo 16 dec 2015
Hespèrion XXI & Tembembe Ensemble Continuo olv. Jordi Savall
wo 20 apr 2016
teksten programmaboekje Adeline Bouckaert
ertaling gezongen teksten Xavier De Jonge
v
coördinatie programmaboekje deSingel
3
Gelieve uw GSM
uit te schakelen.
De inleidingen kan u achteraf
beluisteren via www.desingel.be 
Selecteer hiervoor voorstelling/
concert/tentoonstelling van uw keuze.
Reageer en win
Op www.desingel.be kan u uw visie,
opinie, commentaar, appreciatie, …
betreffende het programma van
deSingel met andere toeschouwers
delen. Selecteer hiervoor voorstelling/
concert/tentoonstelling van uw keuze.
Neemt u deel aan dit forum, dan maakt
u meteen kans om tickets te winnen.
Grand café deSingel
open alle dagen 9 24 uur
informatie en reserveren
+32 (0)3 237 71 00
www.grandcafedesingel.be
drankjes / hapjes / snacks /
uitgebreid tafelen
Bij onze concerten worden occasioneel
cd’s te koop aangeboden door
La Boite à Musique
Coudenberg 74 | Brussel +32 (0)2 513 09 65
www.classicalmusic.be
Met bijzondere dank aan Ortwin Moreau
voor het stemmen en het onderhoud van de
concertvleugels van deSingel
Moreau Pianoservice
Kapucinessenstraat 32
2000 Antwerpen
+32 (0)486 83 63 98
www.moreau-pianoservice.be
4
D/2015/5.497/40
© Jesus Delgado
5
La Grande Chapelle
Albert Recasens muzikale leiding
La policoralidad en el Nuevo Mundo
Juan Gutiérrez de Padilla (1590-1664)
Ave Regina caelorum
antifoon (8-stemmig)
Tomás de Torrejón y Velasco (1644-1728)
Cuatro plumajes airosos
Villancico al Santísimo Sacramento (4-stemmig)
Antonio de Salazar (ca. 1650-1715)
Si el agravio Pedro
Villancico a San Pedro (3-stemmig)
Tomás de Torrejón y Velasco
A este sol peregrino
Bailete a San Pedro (4-stemmig)
Anoniem (Cuzco, Seminario S Antonio Abad, Ms. 17 IIMCV)
Un juguetico de fuego
Para el Juramento de Felipe V (solo)
Juan Gutiérrez de Padilla
Lágrimas de un niño
Villancico de Navidad (3- en 6-stemmig)
Tomás de Torrejón y Velasco
Si el alba sonora
De Navidad (duo)
Juan Gutiérrez de Padilla
Las estreyas se ríen
Juego de cañas a 3 y a 6 de Navidad (3- en 6-stemmig)
Tomás de Torrejón y Velasco
Desvelado dueño mío
Rorro de Navidad (7-stemmig)
Gaspar Fernandes (ca. 1570-1629)
Eso rigor e repente
Guineo de Navidad (5-stemmig)
Juan de Araujo
Fuego de amor (12-stemmig)
Villancico al Santísimo Sacramento
Juan de Araujo
Aquí valentones de nombre
Jácara a San Francisco (11-stemmig)
Juan Gutiérrez de Padilla
Salve Regina
antifoon (8-stemmig)
6
Roque Jacinto de Chavarría (1688-1719)
Alegría, risa, ha
Villancico a la Virgen (11-stemmig)
met de steun van I nstituto Nacional de las Artes Escénicas y de la Música (INAEM)
Juan de Araujo (1646-1712)
Ah de la oscura, funesta prisión
Villancico a la Concepción de la Virgen (8-stemmig)
(wereldcreatie in moderne tijden)
Dit concert wordt opgenomen door Klara voor latere uitzending op dinsdag 27
oktober om 20u in het programma Klara live.
7
La policoralidad en el nuovo
mondo
Meerkorige muziek wordt vaak geassocieerd met de Venetiaanse
muziekstijl uit de late renaissance, die begon bij Adriaan Willaert
(ca. 1490-1562) en verder ontwikkeld werd door Andrea Gabrieli
(ca. 1520-1586) en diens neef Giovanni Gabrieli (1553-1612), die
beiden als componist en organist aan de San Marco-basiliek waren
verbonden. Typisch voor deze Venetiaanse stijl zijn de zogenaamde
‘cori spezzati’ (letterlijk: gebroken koor), een compositietechniek
waarbij gebruik gemaakt wordt van twee of meer ruimtelijk gescheiden
koren. Een ruimtelijke scheiding én een onderlinge zichtbaarheid
zijn onontbeerlijk voor een accurate uitvoering. Niet toevallig
ontstond deze techniek in Venetië: de imposante ruimte van de San
Marco-basiliek met tegenover elkaar liggende koorgalerijen werkte
zo’n gescheiden opstelling in de hand. Meerdere koren werden
dialogerend of in echo tegenover elkaar geplaatst of verenigd in een
monumentale samenklank. De ontwikkeling van deze expressieve,
kleurrijke muziek was in overeenstemming met de groeiende behoefte
aan pracht, praal en machtsvertoon. De Venetiaanse stijl had een
grote invloed op de Europese kunstmuziek. Zelfs tot op de dag van
vandaag speelt de verhouding tussen muziek en architectuur een
belangrijke rol.
Bernardo Illari, musicoloog en gespecialiseerd in het LatijnsAmerikaanse repertoire, gaf het begrip meerkorigheid een meer
culturele en antropologische betekenis. De Nieuwe Wereld bestond
immers uit een mengsel van zeer heterogene etnische groepen. Zowel
op politiek als muzikaal vlak was er sprake van een hiërarchische
relatie tussen deze verscheidene entiteiten. De koloniale overheerser
wilde niet alleen zijn greep op de kolonies versterken maar ook de
lokale bevolking bekeren tot het katholieke geloof.
Muziek werd aangewend als effectief middel om de katholieke
cultuur over te brengen, zoals blijkt uit een citaat van de Spaanse
missionaris en historicus Toriblo de Motilinía: “Toen de indianen
het Ave Maria en het Pater Noster begonnen aan te leren, gaven de
paters hen de gebeden samen met de tien geboden in het Nahuatl,
getoonzet op een mooie gregoriaanse melodie. Dat maakte het
instuderen gemakkelijker. De indianen waren zo blij dat ze massaal
in de binnenhoven van de kerken en kapellen in hun buurt oefenden,
en dit uren aan een stuk. Hun haast om al die melodieën onder
de knie te krijgen was zo groot dat men ze zelfs ’s nachts hoorde
zingen.” Muziek bleek dus een ideale manier te zijn om culturele
8
en taalmatige barrières weg te werken. De privileges verbonden
aan het lidmaatschap van een muzikale kapel hadden als gevolg
dat er soms meer musici in de kerk waren dan gewone gelovigen of
convertieten. Belangrijke posities binnen de muzikale hiërarchie,
zoals kapelmeester of organist, bleven weliswaar in handen van
Europeanen of in Europa opgeleide musici. Ze werden naar de
kolonies gezonden om daar de plaatselijke muzikale ontwikkelingen
een stevige duw in de rug te geven. Op die manier raakte de traditie
van de Europese religieuze muziek vermengd met de lokale cultuur. De
inheemse bevolking zong en musiceerde mee en sloeg soms zelf aan
het componeren.
Na hun muzikale opleiding bleven jonge clerici meestal in hun
dorp. Alleen de grootste talenten werden naar de grote centra
gestuurd. Daar rezen kathedralen, met bijhorende muziekkapellen,
als paddenstoelen uit de grond. Ze vormden het toneel van religieuze
fiestas, processies en politieke manifestaties. De politieke en de
economische situatie van de stad bepaalde in grote mate het aanzien
en de kwaliteit van de uitvoeringen van de muziekkapel. Het repertoire
bestond vooral uit gregoriaanse zang, geïmproviseerd contrapunt op
gregoriaans repertoire en/of polyfone muziek van Spaanse, Portugese
en Italiaanse componisten, zoals bijvoorbeeld Tomás Luis de Victoria,
Cristóbal de Morales en Giovanni Pierluigi da Palestrina.
Juan Gutiérrez de Padilla(ca. 1590-1664) kwam uit Málaga. Als lid
van het kathedraalkoor kreeg hij daar zijn eerste muzikale onderricht.
Zijn professionele carrière begon in Jerez de la Frontera in 1613, en
werd tussen 1616 en 1620 verdergezet in Cádiz. Wanneer hij precies
de overtocht maakte naar de Nieuwe Wereld is niet exact geweten. In
1622 was hij in elk geval actief als zanger in de kathedraal van Puebla
de los Ángeles, de tweede grootste van Mexico. Hij werd er assistent
van kapelmeester Gaspar Fernandes, die hij zeven jaar later, in 1629,
zou opvolgen. Het ambt van maestro de capilla bekleedde hij tot
aan zijn dood in 1664. Juan Gutiérrez de Padilla had er een groot en
uitmuntend koor ter beschikking, waardoor hij een groot deel van zijn
oeuvre dubbelkorig kon componeren.
Gelukkig kon veel van zijn muziek de tijd overleven. Zijn zetting van
de twaalfde-eeuwse Maria-antifoon 'Ave Regina Caelorum' is nog
steeds heel populair. Het antifoon 'Ave Regina Caelorum' bestaat
uit quasi allemaal acht lettergrepen tellende verzen. Opvallend is
hoe Juan Gutiérrez de Padilla elk van deze verzen van passende en
karakteristieke muziek voorzag. Zijn inventiviteit blijkt uit steeds
weer nieuwe en verrassende melodische, harmonische of ritmische
wendingen, of uit de fantasierijke toepassing van de ostinatotechniek.
Tijdens de renaissance werd in de liturgie van de katholieke kerk
veel gebruik gemaakt van Maria-teksten. De antifoon 'Salve Regina'
9
10
is de bekendste van de vier grote Maria-antifonen. Juan Gutiérrez de
Padilla weet in deze compositie een uiterst rijke sonoriteit aan het koor
te ontlokken. Naast een muzikale verklanking van de structurele en
formele elementen van de tekst wordt ook het affectieve gehalte ervan
in de verf gezet. In het vers ‘Ad te suspiramus’ bijvoorbeeld komen de
introverte en bedroefde affecten bijzonder goed tot uiting door gebruik
te maken van gedurfde kleurrijke harmonieën.
Daar waar Juan Gutiérrez de Padilla in zijn antifonen opteert
voor een originele, doorwrochte structuur, ligt in ‘Las estreyas se
ríen’ de nadruk op formele helderheid: een ABA-vorm met twee
contrasterende geledingen. In deze compositie wordt expliciet
verwezen naar een soort steekspel waarin stokken naar elkaar worden
gegooid, in het Spaans ‘Juego de cañas’ genaamd.
vogels, meer bepaald de adelaar, de kalkoen, de zwaan en de feniks.
Dit allegorisch tafereel, waarbij elke stem een vogel representeert,
kadert in de verering voor het Heilig Sacrament. ‘A este sol
peregrino’ kent dezelfde bezetting als ‘Cuatro plumajes airosos’ en
is opgedragen aan de apostel Petrus. In deze compositie combineert
Tomás de Torrejón y Velasco de rijke harmonie van de Spaanse
koormuziek met een opvallend Peruviaanse speelsheid. ‘Si el alba
sonora’ dateert van 1719. Het werk vormt een symbiose tussen het
villancico enerzijds en de Napolitaanse cantate met melodieuze aria’s
en declamatorische recitatieven anderzijds. ‘Desvelado dueño mío’
was een zeer populair wiegeliedje dat nog jaren na zijn dood in Cuzco
werd gezongen. Vooral in de passages met lange notenwaarden
komen de expressieve dissonanten bijzonder goed tot uiting.
Net als Juan Gutiérrez de Padilla trok ook Tomás de Torrejón y
Velasco(1644-1728) van Spanje naar de Nieuwe Wereld. Hij werd
geboren op 23 december 1644 in Villarobledo maar groeide op in
Fuencarral, nabij Madrid. In 1658 werd hij door de graaf van Lemos,
Don Pedro Fernández de Castro y Andrade, als muzikant in dienst
genomen. Hij volgde zijn broodheer wanneer deze in 1667 door de
Spaanse koning als onderkoning van Peru werd aangesteld. Over zijn
leven daar is weinig gekend. Zeker is dat hij in juli 1676 een positie
als maestro di capella aan de kathedraal van Lima verkreeg en deze
zou behouden tot aan zijn dood in 1728. Hij was echter niet alleen op
muzikaal gebied actief, maar vervulde ook allerlei diplomatieke en
bestuurlijke functies.
Zijn composities, zowel wereldlijk als geestelijk, zijn van
uitstekende kwaliteit. Hij componeerde de eerste Amerikaanse opera,
‘La púrpura de la rosa’ (Het bloed van de roos), ter gelegenheid
van de achttiende verjaardag van Filips V in 1701. Naast deze opera
en een aantal liturgische werken bestaat zijn oeuvre voornamelijk
uit villancico’s. De term ‘villancico’ is afgeleid van het Spaanse
verkleinwoord voor ‘villano’ (letterlijk vertaald: boer) en duikt
voor het eerst op in de late vijftiende eeuw, als referentie naar een
Spaanse, wereldlijke vorm van muziek en poëzie. Dit genre kent
veel verschillende verschijningsvormen en kan met meerdere
instrumentale en vocale groepen, solistisch dan wel tutti bezet zijn.
Kenmerkend voor Tomás de Torrejón y Velasco is zijn polyfone stijl,
waarbij alle stemmen tekstueel en muzikaal evenwaardig zijn en
homofone passages met imitatieve fragmenten worden afgewisseld.
De melodieën lijken vaak eenvoudig, maar de composities als geheel
zijn vrij gesofisticeerd, met uitwisseling van tekstuele en muzikale
motieven tussen de verschillende stemmen. ‘Cuatro plumajes
airosos’ is gecomponeerd voor vierstemmig gemengd koor, begeleid
door een basso continuo. De titel van het werk verwijst naar vier
Ook in Mexico City werd een Spanjaard aangesteld als maestro
di capella, namelijk de in Sevilla geboren A
ntonio de Salazar(ca.
1650-1715). Zijn religieuze werken op Latijnse tekst bouwen verder
op het transparant contrapunt en de heldere tekstverstaanbaarheid
van Palestrina. De musicoloog Bruno Turner omschreef Salazar zelfs
als één van de laatste echte conservatieve Latijns-Amerikaanse
componisten.
De villancico ‘Si el agravio Pedro’ dateert van 1710 en bestaat
uit verscheidene verhalende ‘coplas’ (strofen) en een exegetisch
‘estribillo’ (refrein). De dubbelkorigheid, het spel van vraag en
antwoord, is verweven met de tekst. Het werk is opgedragen aan de
apostel Petrus, die op 29 juni gevierd wordt.
Roque Jacinto de Chavarría(1688-1719) was de buitenechtelijke
zoon van een ‘mesties’ (een vrouw van gemengd IndiaansSpaanse afkomst). Kort na zijn moeders dood, in 1695, maakte
hij als koorknaap deel uit van de kapel van de kathedraal in La
Plata onder leiding van Juan de Araujo. Rond 1704 brak zijn stem,
beëindigde hij zijn carrière als zanger en schreef hij zich in voor een
priesteropleiding. Voorts bekwaamde Roque Jacinto de Chavarría zich
verder als componist en uitvoerend musicus. Zijn ganse leven bleef
hij aan de kerk verbonden. Bij zijn veel te vroege dood in 1719 – hij
was maar eenendertig jaar oud – liet hij een corpus van overwegend
religieuze villancico’s na. Kenmerkend is dat hij de polyfonie van
Juan de Araujo met de muziek van zijn niet-Europese voorouders
combineert. ‘Alegría, risa, ha’ werd ter ere van de Maagd van
Guadalupe gecomponeerd. Zij speelt in de cultuur van Bolivia een
grote rol sinds ze in 1531 aan een arme Azteek verscheen. Manuel
de Mesa, tussen 1762 en 1773 kapelmeester aan de kathedraal van
La Plata, schreef lovend: “deze compositie kan alle jaren gezongen
worden, want ze is echt goed!”
11
Zijn leermeester, Juan de Araujo(1646-1712), werd geboren
in Villafranca de los Barros in Spanje. Samen met zijn vader, een
ambtenaar, maakte hij op jonge leeftijd de overtocht naar de Nieuwe
Wereld. Hij schreef zich in aan de universiteit van San Marcos in Lima
en studeerde compositie bij Tomás de Torrejón y Velasco. Omwille van
een dispuut met de lokale overheden verhuisde hij naar Panama, waar
hij tot priester werd gewijd en als koordirigent werd aangesteld. Hij
keerde in 1672 toch terug naar de kathedraal van Lima. Hij bekleedde
er de functie van maestro di capella tot Tomás de Torrejón y Velasco
hem in 1676 zou opvolgen. Vervolgens kreeg hij een aanstelling als
koorleider in de kathedraal van Cuzco en vanaf 1680 werd hij maestro
di capella in de kathedraal van La Plata. Hij bleef daar tot zijn dood en
leidde er verschillende componisten op.
Juan de Araujo had de luxe om een vijftigtal muzikanten ter zijne
beschikking te hebben. Dit verklaart het grote aantal meerkorige
werken in zijn oeuvre. Het vurige ‘Fuego de amor’ is geschreven
voor drie koren en sopraan. 'Aquí valentones de nombre', ‘een
zogenaamde ‘jácara’, is opgedragen aan de heilige Franciscus van
Assisi en is gecomponeerd voor elf stemmen. De creatie van de
villancico ‘Ah de la oscura, funesta prisión’ voor acht stemmen vindt
deze avond plaats. Juan de Araujo’s meerkorige composities stralen
steeds een bijzondere intensiteit uit. Vooral in de passages waar de
homofone verticale dimensie de bovenhand neemt op het horizontale
contrapunt bereikt Juan de Araujo een buitengewone expressiviteit.
van de componist langs de ene kant en de volksmuziek langs de
andere.
Gaspar Fernandes(ca. 1570-1629) begon zijn muzikale carrière
aan de kathedraal van Evora in Portugal rond 1590. Na zijn wijding in
1599 kreeg hij de kans om naar de Nieuwe Wereld te vertrekken en
daar het werk van de missionarissen te ondersteunen. Op 16 juli 1599
werd hij aangesteld aan de kathedraal van Santiago de Guatemale,
eerst als organist en orgelstemmer, later als maestro di capella. Hij
aanvaardde deze positie ook aan de kathedraal van Puebla, waar hij
tijdens zijn laatste jaren werd geassisteerd door Juan Gutiérrez de
Padilla die hem ook zou opvolgen.
Gaspar Fernandes componeerde voornamelijk villancicos in
het Spaans, Portugees en in de talen van de Nieuwe Wereld, zoals
het Nahuatl, de taal van de Azteken. Hij hield zich ook bezig met
koorboeken samen te stellen met muziek uit Spanje van onder meer
Francisco Guerrero en Cristóbal de Morales.
Het vijfstemmige ‘Eso rigor e repente’ is een voorbeeld van een
‘guineo’, een villancico in Guinese stijl. Fernandes componeerde dit
lied voor de zangers van het kathedraalkoor in Puebla die vroeger
slaven waren. De titel verwijst volgens sommige bronnen naar
de slavernij. In deze compositie is zowel qua taalgebruik als op
compositorisch vlak een mengvorm te ontdekken tussen de afkomst
12
13
Juan Gutiérrez de Padilla
Ave Regina caelorum
antifoon (8-stemmig)
Ave Regina caelorum,
Ave Domina angelorum.
Salve radix sancta,
ex qua mundo lux est orta.
Gaude gloriosa,
super omnes speciosa.
Vale, o valde decora,
et pro nobis Christum exora.
14
Wees gegroet, Hemelkoningin,
Wees gegroet, vorstin van de Engelen.
Heil U, wortel;
Heil U, poort waaruit het licht voor de wereld is opgegaan.
Verheug U, glorierijke Maagd,
die bovenal lieflijk zijt.
Gegroet, Gij wonderschone,
en wees onze voorspraak bij Christus.
15
Tomás de Torrejón y Velasco
Cuatro plumajes airosos
Villancico al Santísimo Sacramento (4-stemmig)
16
Cuatro plumajes airosos
del viento somos, si peregrinos
faustos cometas con caudas de plumas
volamos lucidos
levantados del Sol más divino.
- Yo soy el águila real
que subo a sus rayos a giros.
- Yo soy el pavón con ojos rasgados
que a sus rayos no son mis ojos dormidos.
- Yo soy el único Fénix
a sus lumbres flamantes encendido.
- Yo soy el cándido cisne
que en su esfera trinando soy signo.
- Yo soy su epíteto
- su desvelo me miro
- sin segundo le aplaudo
- sus dulzuras imito
Pues cantemos sus glorias
los cuatro acordes unidos.
Vier elegante, zij het zwervende,
pluimages van de wind zijn wij;
fortuinlijke kometen die met gevederde staarten
glansrijk vliegen
opgeheven door de meest goddelijke Zon.
- Ik ben de koningsarend
die cirkelend naar zijn stralen oprijst.
- Ik ben de pauw wiens spleetogen
niet slapen in het aanzicht van zijn stralen.
- Ik ben de enige echte Feniks
aangestoken door zijn vlammend licht.
- Ik ben de onbevlekte zwaan,
een zingend teken in zijn wereld.
- Ik ben zijn epitheel
- in zijn slapeloosheid zie ik mijzelf
- ik juich hem toe als geen ander
- zijn zoetheid doe ik na.
Laten we zijn roem bezingen,
alle vier harmonieus tesamen.
Sol augusto, allá me encumbro
a ser de tus luces registro
que águila soy en tu iglesia,
y hacia tus luces me inclino.
Verheven Zon, daar rijs ik
om uw licht te registreren,
ik, een arend in uw kerk
die voor uw licht buigt.
Mis ojos, Sol misterioso,
nada tienen de dormidos,
que como pavón vistoso
yo sólo tu luz registro.
Mysterieuze Zon, niets slaperigs
is er aan mijn ogen,
de opzichtige pauw die ik ben
registreert enkel uw licht.
Tú eres el Fénix augusto
en la iglesia peregrino,
que entre sagrados aromas,
sacro incienso te ha encendido.
Jij bent de verheven Feniks,
een pelgrim in de kerk,
die, omgeven door heilige aroma’s,
gewijde wierook voor u heeft aangestoken.
De tórtola misteriosa
el Amor transformar quiso
que al compás de sus acentos,
en cisne te ha convertido.
Van een mysterieuze tortelduif
wou de Liefde
op de maat van zijn accenten
u in een zwaan veranderen.
Pues cántenle las aves
al tenor de las fuentes y los ríos
en místico acento diciéndole
en montes y en riscos:
Tantum ergo Sacramentum
veneremus cenui.
Laat de vogels dan voor hem zingen
de tonen van fonteinen en rivieren volgend
en hem in de bergen en kliffen
met een mystiek accent zeggen:
Laten wij dan, diep gebogen,
prijzen 't grote Sacrament.
17
Antonio de Salazar
Si el agravio Pedro
Villancico a San Pedro (3-stemmig)
18
Si el agravio, Pedro,
que a la Majestad
hizo tu temor
pretendes dorar,
salga desatado
el tierno raudal;
llore, pues, amante
tu fiel voluntad
para que, en pena tal,
el cielo se ría
de verte llorar.
Als je de belediging, Pedro,
die je vrees
voor Hare Majesteit geweest is
wilt vergulden,
laat dan
de tedere vloed los;
beween, minnaar,
uw trouwe wil
opdat de hemel,
in het aanschijn van zulke smart,
om je tranen lacht.
Del pecho desasido
salga a los ojos ya
el llanto que publique
tu amoroso pesar.
Laat het gehuil
dat je liefdevol leed publiceert
vanuit je borst
losbreken naar je ogen.
Ostenten los raudales,
Pedro, tu ceguedad,
pues siempre el desengaño
se encuentra en el cristal,
para que, en pena tal,
el cielo se ría
de verte llorar.
Laat de stromen, Pedro,
je blindheid tonen,
de teleurstelling, immers,
ligt steeds in het glas,
opdat de hemel,
in het aanschijn van zulke smart,
om je tranen lacht.
Si haber faltado teme
tu amor a la verdad,
la mancha de la culpa
puede el agua lavar.
Als je liefde de waarheid
geweld heeft aangedaan,
dan kan het water
de schuldvlek wegwassen.
De las fuentes perennes,
el vivo manantial
llegue, amante en tus ojos,
su curso a eternizar,
para que, en pena tal,
el cielo se ría
de verte llorar.
Laat de levende bron
vanuit de altijd stromende fonteinen
je ogen bereiken, geliefde,
en zo zijn stroom vereeuwigen,
opdat de hemel,
in het aanschijn van zulke smart,
om je tranen lacht.
19
Tomás de Torrejón y Velasco
A este sol peregrino
Bailete a San Pedro (4-stemmig)
20
¡A este sol peregrino
cántale glorias, zagalejo!,
y con gusto y donaire,
con gozo y contento,
cántale que del orbe
dora las cumbres, zagalejo.
Y, pues vive a sus rayos,
¡goce sus luces!
Onze reizende zon
bezing hem met roem, herder,
en met genoegen en gratie
met vreugde en blijheid
bezing hem zodat hij de bergtoppen
van de wereld goud kleurt, herder.
En, leef dan van zijn stralen,
geniet van zijn licht!
Divino Pedro, tus glorias
hoy acobardan mi voz,
que no dejar registrarse
supone la luz mayor.
Heilige Petrus, jouw gelukzaligheid
vandaag schrikt mijn stem af,
en laat zich niet vastleggen
hetgeen het grootste licht betekent.
De Oriente a Oriente camina
tu soberano esplendor,
que, aun el ocaso, es principio
donde siempre nace el sol.
Van oost naar oost wandelt
jouw enorme schittering
zodat hij, zelfs bij zonsondergang,
een begin is waarin de zon steeds geboren wordt.
Tus pasos veneran estampas
quien no sin asombro vio
que, siendo ejemplo, no deja
posible la imitación.
Jouw stappen eren toonbeelden
die niet zonder verbazing zien dat,
een voorbeeld zijnde,
geen nabootsing mogelijk blijkt.
Hoy, pues, en tu patrocinio,
espera la adoración
que te merezco esta casa
ser empleo de su amor.
¡A este sol peregrino.
Vandaag, dus, in uw bescherming,
wacht ik op de verering
dat ik in dienst mag zijn van dit huis
het werk van jouw liefde ben.
Onze reizende zon.
21
Anoniem
Un juguetico de fuego
Para el Juramento de Felipe V
22
Un juguetico de fuego
quiero cantar
y gorjear en la fiesta
porque a todas luces miren
que ilustran de la gracia pureza
pues en su obsequio
festivos se muestran
volcanes y luces
incendios y centellas
ardores y rayos
con llamas y reflejos
ascuas y etnas
y en brillantes
estruendos de cuetes,
cenizas se abrevian
en una pieza de fuegos
que ya se quema.
Een speelgoedje van vuur
wil ik zingen
en kwelen in het feest
want kijkt naar al de lichten
die getuigen van de pure elegantie
want in dit geschenk
tonen zich feestelijke
vulkanen en lichten
branden en flitsen
gloeden en bliksems
met vlammen en weerspiegelingen
gloeiende kolen en Etna’s,
en met het schitterende
lawaai van vuurpijlen
komt as te voorschijn
in een vuurstuk
dat reeds opbrandt.
A cuetero dele fuego
pega, dispara,
miren como arden,
las guías y candelas,
oigan los trasquidos,
miren como suenan
dan, dan, tis, tas, tis, tas,
atiendan a las ruedas
sio sio sio
y el volcán revienta,
miren como suenan
afuera afuera
dran, dran, dran, bun,
vítor, vítor, cosa buena
y repican y tañen las campanillejas.
Geef vuur aan de vuurwerkmaker,
hij steekt aan, vuurt af,
kijkt hoe ze branden,
de gidsen en kaarsen,
hoort de knallen,
kijkt, ze luiden
bam, bam, tsjie, tsjaa, tsjie, tsjaa,
kijkt naar de wielen
sjoef sjoef sjoef
en de vulkaan die ontploft,
kijkt, ze luiden
naar buiten, naar buiten,
bam, bam, bam, boem,
gejuig, gejuig, het is goed,
en de belletjes klingelen en rinkelen.
Muy lucidos han estado
los fuegos y es cosa cierta
que han dejado sus tronidos
a algunos muchas troneras.
No hay que dudarlo
pues hay que tenga,
más tronidos que fuegos
en la cabeza.
Het vuurwerk is heel mooi
geweest en ja, veel losbandige vrouwen
hebben sommige mannen
een goeie klap gegeven.
Ongetwijfeld,
er zijn er die meer
aan knallen denken
dan aan vuurwerk.
Sólo los cohetes de luces
son luminarias febeas,
Enkel de lichtvuurpijlen
zijn godslampen
23
que a María soberana
le rinden y reverencian,
sirviendo de antorchas
que el aire pueblan
en su gracia divina
de pregoneras
die Maria de vorstin
aanbidden en eerbied bewijzen,
dienst doende als fakkels
die de hemel bevolken
met hun goddelijke elegantie
als aankondigsters.
Juan Gutiérrez de Padilla
Salve Regina
antifoon (8-stemmig)
Salve Regina Mater misericordiae:
vita dulcedo et spes nostra salve.
Ad te clamamus exsules filii Hevae.
Ad te suspiramus gementes et flentes
in hac lacrimarum valle.
Eia ergo Advocata nostra
illos tuos misericordes oculos ad nos converte.
Et Iesum benedictum fructum ventris tui
nobis post hoc exilium ostende.
O clemens, o pia, o dulcis Virgo Maria.
24
Wees gegroet, koningin, moeder van barmhartigheid;
ons leven, onze vreugde en onze hoop, wees gegroet.
Tot u roepen wij, ballingen, kinderen van Eva;
tot u smeken wij, zuchtend en wenend
in dit dal van tranen.
Daarom dan, onze voorspreekster,
sla op ons uw barmhartige ogen;
en toon ons, na deze ballingschap,
Jezus, de gezegende vrucht van uw schoot.
O goedertieren, o liefdevolle, o zoete maagd Maria.
25
Roque Jacinto de Chavarría
Alegría, risa, ha
Villancico a la Virgen (11-stemmig)
26
¡Alegría, risa, ha!
Confúndanse las voces,
los ecos, la armonía,
cantando, repitiendo,
con melodía:
Salve Regina,
que raya, que llega,
que nace pura y limpia
la aurora peregrina:
Salve Regina.
Blijdschap, gelach, ha!
Laat de stemmen dooreenvloeien,
de echo’s, de harmonie,
melodieus
zingend en herhalend:
Salve Regina,
die aanbreekt, die toekomt,
die zuiver en rein ter wereld komt,
de wonderlijke dageraad:
Salve Regina.
Madre piadosa,
cándida, nítida,
vida, dulzura,
deífica, ínclita,
contra la noche,
pálida, tímida
sale a la lucha,
rápida, rígida
porque de astuta,
mágica, lírica,
quiere quitarnos,
audaz la vida
oponiéndose altiva,
voraz, soberbia,
a Ti, que eres recién nacida.
Alba Maria,
Virgo divina,
spes et vita,
stella pia,
portus et via.
Barmhartige moeder,
onbevlekt, helder,
leven, zoetheid,
goddelijk, illuster,
tegen de nacht,
bleek, verlegen,
trekt ze ten strijde,
snel, stram,
want ze is sluw,
magisch, lyrisch,
en wil ons, stoutmoedig,
het leven ontnemen,
zich verzettende, arrogant,
gulzig, hoogmoedig,
tegen Jou, die pas geboren bent.
Alba Maria,
Virgo divina,
spes et vita,
stella pia,
portus et via.
Aurora bella,
cándida, nítida
dame tu gracia,
para que diga:
Salve Regina.
Schone dageraad,
onbevlekt, helder,
geef mij uw gratie,
opdat ik zou zeggen:
Salve Regina.
¿Qué sombra oscura,
pálida, tímida,
habrá que pare
cuando perciba,
Virgo divina?
Welke duistere schaduw,
bleek, verlegen,
zal stoppen
wanneer die ontwaart,
Virgo divina?
Madre sagrada,
Heilige moeder,
27
28
deífica, ínclita,
de quien vienen,
ya sin fatiga,
spes et vita.
goddelijk, illuster,
van wie komen,
reeds zonder vermoeidheid,
spes et vita.
Cuando mi alma,
árida, frígida,
vuelve y repite,
por su alegría:
stella pia.
Wanneer mijn ziel,
dor, koud,
terugkomt en herhaalt,
voor haar vreugde:
stella pia.
La sierpe negra,
rápida, rígida,
huye si advierte,
aun fugitiva,
alba Maria.
De zware slang,
snel, stram,
vlucht als ze ontwaart,
zelfs vluchtig,
alba Maria.
29
Juan de Araujo
Ah de la oscura, funesta prisión
Villancico a la Concepción de la Virgen (8-stemmig)
(wereldcreatie in moderne tijden)
30
¡Ah de la oscura funesta prisión!
¡Ah del glorioso luciente zafir!,
quien incita el dominio cruel,
quien alienta el imperio feliz.
¡Escuchad, atended, advertid,
que hoy amanece la luz
libre de sombra infeliz!,
donde la gracia del sol
siempre estará en el cenit.
¡Escuchad, atended, advertid, que hoy se concibe la flor!,
planta del eterno abril,
que al áspid llegó a vencer
para que no pueda herir.
¡Escuchad, atended, advertid! Oh donkere, funeste gevangenis!
Oh roemrijke, fonkelende saffier,
die aanzet tot wrede heerschappij,
en aanmoedigt om gelukkig te regeren.
Luistert, schenkt aandacht, merkt op,
vandaag breekt een dag aan
vrij van ongelukkige schaduwen,
waar de gratie van de zon
altijd op haar hoogste punt zal staan.
Luistert, schenkt aandacht, merkt op,
vandaag wordt de bloem verwekt,
plant van de eeuwige jeugd,
die de adder overwonnen heeft
opdat die niet meer zou kunnen kwetsen.
Luistert, schenkt aandacht, merkt op!
Tristezas aumente,
el centro de horror
publique la guerra
al cielo y la tierra,
inciten las furias
voraces injurias,
y en nuevos horrores
a tantos candores
oscuro se oponga
el humano borrón, y eclipse sus luces
sin nueva excepción
la guerra mortal.
En funestos clarines publicad
la gloria feliz, en divinas canciones repetid,
pues ya que ha logrado
vitoria sin lid,
tinieblas del averno, llorad;
planetas del impíreo, reíd.
Laat de droefenis vermeerderen,
laat het centrum van de verschrikking
de oorlog verkondigen
aan hemel en aarde,
laat de furies aanzetten
tot vraatzuchtige beledigingen,
en laat de vergankelijke mens
zich met nieuwe verschrikkingen
duister verzetten
tegen zoveel openheid,
en de dodelijke oorlog
zijn licht verduisteren
zonder nieuwe uitzondering.
Met funest klaroengeschal verkondigt
de gelukkige glorie,
herhaalt het in goddelijke liederen,
want vermits de victorie
zonder strijd behaald is,
duisternis van de hel, ween;
planeten van het firmament, lacht.
Hoy se concibe la rosa
del más generoso
fragrante jardín,
cuyo inmenso fruto
del común tributo,
del primer delito
sabrá redimir.
Vandaag wordt de roos verwekt
van de meest vrijgevige
en geurige tuin,
wiens immense opbrengst
van het gemeenschappelijk eerbetoon
zal verlossen
van de oorspronkelijke zonde.
31
32
¡Tinieblas del averno, llorad!
¡Planetas del impíreo, reíd!
Duisternis van de hel, ween!
Planeten van het firmament, lacht!
Hoy amanece la bella,
prudente, divina
sacra Abigail,
cuya hermosa mano
del rey soberano,
en piedad, las iras
podrá convertir.
¡Tinieblas del averno, llorad!
¡Planetas del impíreo, reíd!
Vandaag breekt de mooie,
voorzichtige, goddelijke
heilige Abigail aan,
wiens schone hand
met barmhartigheid
de woede van de soevereine koning
zal kunnen omzetten.
Duisternis van de hel, ween!
Planeten van het firmament, lacht!
Hoy se concibe gloriosa
la más peregrina
triunfante Judit,
cuya fortaleza
la infame cabeza
del fiero Holofernes
sabrá destruir.
¡Tinieblas del averno, llorad!
¡Planetas del impíreo, reíd!
Vandaag wordt roemrijk verwekt
de meest wonderlijke
triomfante Judith,
wiens sterkte
het snode hoofd
van de wilde Holofernes
zal weten te vernietigen.
Duisternis van de hel, ween!
Planeten van het firmament, lacht!
Hoy aquel ave renace
que siempre llevada
con vuelo sutil,
con dulces gorjeos,
cantó los trofeos
del divino humano
hijo de David.
¡Tinieblas del averno, llorad!
¡Planetas del impíreo, reíd!
Vandaag komt opnieuw ter wereld
de vogel die steeds
met fijne vlucht,
met zoet gekweel,
de trofeeën van de goddelijke mens,
zoon van David,
bezongen heeft.
Duisternis van de hel, ween!
Planeten van het firmament, lacht!
33
Juan Gutiérrez de Padilla
Lágrimas de un niño
Villancico de Navidad (3- en 6-stemmig)
34
Lágrimas de un niño, ternezas de un Dios,
si por mí las llora,
¡qué dulces que son!
Tranen van een kind,
tederheden van een God,
als ze voor mij geweend worden,
wat zijn ze zoet!
El rigor las causa
si las busca amor,
¡qué dulces que son!
Que lo ingrato siempre
duplica el dolor,
¡qué dulces que son!
De striktheid veroorzaakt ze
als de liefde ze zoekt,
wat zijn ze zoet!
Want ondankbaarheid
maakt de pijn altijd tweemaal zo sterk,
wat zijn ze zoet!
Mas si el daño que padece
lo siente por mi ocasión,
llore yo,
pues a tantos excesos
obliga la fuerza
de mi sinrazón.
Maar als het kind de schade
voelt door mijn schuld,
laat mij dan wenen,
want tot zulke buitensporigheden
dwingt de kracht
van mijn onrecht.
Sentir por mí la pena,
sufrir por mí el dolor,
hermoso niño mío
muchas finezas son.
Voor mij smart voelen,
voor mij pijn lijden,
mijn prachtig kind,
dat is toch een grote attentie.
Por mí tendréis de amante
el crédito mayor
pues son vuestras finezas
de mi satisfacción.
Van mij zult ge de best mogelijke
reputatie als minnaar krijgen
want ik ben tevreden
met uw attenties.
Antes que os mereciera,
mi bien tanto favor,
erais un Dios terrible
mas ya otra cosa sois.
Vooraleer mijn welzijn
u zo’n gunst opleverde
waart ge een afgrijselijke God
maar nu zijt ge iets anders.
Decidme, niño hermoso:
¿qué fuerza os obliga
a que paguéis la fruta
que no comisteis vos?
Zeg mij, prachtig kind,
welke kracht dwingt u
om het fruit te betalen
dat gij niet gegeten hebt?
35
Tomás de Torrejón y Velasco
Si el alba sonora
De Navidad (duo)
36
Si el alba sonora se cifra en mi voz,
¡oíd zagalejos acorde el rumor!,
que halaga, recrea, inspira el cristal,
influye en el ave, susurra en la flor.
Wanneer de dageraad klinkt hoort men dat in mijn stem,
luister herders naar dat geluid,
dat het kristal behaagt, herschept en inspireert,
macht heeft over de vogel, fluistert tegen de bloem.
Pues duerme entre pajas mi vida y mi amor,
y sin despertarle formad la canción,
que alegra los valles, ilustra los montes
y es nuncio a los hombres de su redención.
Dus rust in het stro mijn leven en mijn liefde,
en vorm stilletjes het lied,
dat de dalen blij maakt, de bergen verlicht
en de boodschap brengt aan de mensen van hun verlossing.
Recitado
Ceda la niebla fría,
pues la pálida noche,
hurtando al alba,
el transparente coche,
presume de otra luz
mayor que el día,
y, pues goza este sol
que la mejora,
nueva salva festeje
a nueva aurora.
De koude mist verdwijnt,
en zo de bleke nacht,
de dageraad wegspoelend,
de doorschijnende koets,
doet een ander licht vermoeden
groter dan de dag,
en, geniet van die zon
die alles beter maakt,
vier een nieuw welkom
met nieuw morgenlicht.
Area
Canta ruiseñor,
bate rizos de oro
y saluda al sol mejor,
y, suspenso en lozano,
explica al plumado coro
la grandezas de su amor.
Zing nachtegaal,
schud je krullen van goud
en begroet de groeiende zon,
en, verrukt in weligheid,
verklaar aan het gevederde koor
de grootsheid van jouw liefde.
Recitado
Y, pues, la seca rama
de la tez de la nieve
encanecida, florida
de repente, concebida
a cadencias suaves,
siga tu acento al coro
de las aves.
En, dus, schiet de droge tak
met de kleur van sneeuw grijzig,
plots in bloei,
op een zacht ritme
deinend,
glijdt jouw toon naar
het koor van vogels.
Area
Dulce dueño, tanto empeño
te ha debido nuestra fe,
tanto pesa tu promesa
que te arrastra a padecer.
Schattebout, zoveel ijver
is ons vertrouwen je verschuldigd,
zoveel weegt jouw belofte
dat je je voortsleept om te lijden.
37
Juan Gutiérrez de Padilla
Las estreyas se ríen
Juego de cañas a 3 y a 6 de Navidad (3- en 6-stemmig)
38
Las estrellas se ríen,
los luceros se alegran,
la luna más hermosa
su resplandor ostenta.
De sterren lachen,
de heldere sterren zijn blij,
de prachtigste maan
draagt haar glans.
Sobre Belén se escuchan
dulcísimas cadencias
de voces que sonoras
dicen de esta manera:
Boven Betlehem luiden
de zoetste cadenzas
van stemmen die klankvol
het volgende zeggen:
Afuera, que vienen caballeros
a celebrar la fiesta.
Aparta, que el cielo
se ha venido al aire
a jugar cañas.
Naar buiten, er komen ruiters
meedoen met het feest.
Opzij, de hemel
is naar de lucht gekomen
om riettornooi te spelen.
Qué galas tan lucidas,
que vistosas libreas,
qué plumas tan volantes,
qué garzotas tan bellas.
Wat een glansrijke galakledij,
wat een kleurrijke uniformen,
wat een dansende pluimen,
wat een mooie hoedversieringen.
Qué bien se alargan,
qué bien las cañas fechan,
qué bien en fin se juntan,
qué bien corren parejas.
Hoe goed versnellen ze,
hoe goed strijden de stokken,
hoe goed komen ze tesamen,
hoe goed lopen de koppels.
Qué bien se juegan,
qué bien se tiran,
qué bien se emplean
vivas exhalaciones
aladas primaveras
ésta sí que es
en todo la Nochebuena.
Hoe goed spelen ze,
hoe goed gooien ze elkander omver,
wat een inzet,
sterke exhalaties,
gevleugelde lentes,
nu dit is eens
een echte Kerstnacht.
Al mejor mayorazgo
del cielo y de la tierra
en su primera cuna
adoran y festejan
De beste eerstgeborene
van hemel en aarde,
liggend in zijn eerste wieg,
wordt aanboden en gevierd
al Príncipe nacido
y su madre la Reina
les dan preciosas joyas
de aljófares y perlas,
aan de geboren Prins
en zijn moeder de Koningin
worden kostbare juwelen
met grote en kleine parels aangeboden,
los de Belén los miran
de inwoners van Betlehem bekijken hen
39
y con alegres señas
airosos les aplauden,
bizarros los celebran.
en met blijde tekens
juichen ze hen sierlijk toe,
heldhaftig vieren ze hen.
Qué bien se juegan…
Hoe goed spelen ze...
Tomás de Torrejón y Velasco
Desvelado dueño mío
Rorro de Navidad (7-stemmig)
40
Desvelado dueño mío,
que a tantos rigores naces,
duerme al arrullo
que tiernas entonan las aves.
Duerme al arroyo,
instrumento de plata suave,
cese mi niño
desvelo tan grande.
Mijn wakkere meester,
tussen zulke barheid geboren,
laat het gekir van de tedere vogels
je in slaap wiegen.
Val in slaap bij de beek,
zacht zilveren instrument,
maak een eind, mijn kind,
aan deze grote slapeloosheid.
Duerme, soberano niño,
neto aljófar no derrames,
que de esos que lloras néctares,
nácares son tus mejillas
rosadas fragantes.
Slaap, soeverein kind,
Verspil geen schone parels,
want van de nectar die je weent
zijn je wangen
geurig rooskleurig parelmoer.
41
Gaspar Fernandes (ca. 1570-1629)
Eso rigor e repente
Guineo de Navidad (5-stemmig)
42
Eso rigor e repente
juro a qui se ni yo siquito
que aun que nace poco branquito turu
somo noso parente
no tenemo branco grande
- tenle primo, tenle calje
- husihe husiha paracia
- toca negriyo tamboritiyo,
- canta parente:
Plots zweer ik strikt
dat dit klein kind hier
al is het een beetje blank geboren
broer van ons is.
Wij vrezen de grote blanke niet.
- Kom, neef, kom en dans.
- Hoesiejee, hoesiejaa, parasjaa.
- Speel op je trommel, zwart kindje,
- zing, broer:
Sarabanda tenge que tenge
sumbacasu sucumbe.
Ese noche branco seremo
O Jesu que risa tenemo
o que risa Santo Tomé.
Dans en dans de sarabande,
soembacasoe soecoembee.
Deze nacht zullen we allen blank zijn.
Oh Jesus, wat lachen we,
oh wat lachen we, Sint-Thomas.
Vamo negro de Guinea
a lo pesebrito sola
no vamo negro de Angola
que saturu negla fea.
Laten we op ons eentje
naar de kribbe gaan, negers van Guinea,
laat geen negers van Angola gaan
want het zijn lelijkaards.
Queremo que niño vea
negro pulizo y galano
que como sanoso hermano
tenemo ya fantasia.
We willen dat het kind
gepolijste en knappe negers ziet;
vermits hij onze broer is,
hebben we schone kleren.
Toca viyano y follia
bailaremo alegremente.
Speel een Spaanse dans
en we zullen met vreugde dansen.
Gargantiya regranate
yegamo a lo siquitiyo
manteyya rebosico
confite curubasate.
Een granaten halsketting
brengen we het kind,
een dekentje, een sjaal
en curubasnoep.
Y de curiate faxue
la guante camisa
capisay ta de frisa
cañutiyo de tabaco.
Een ceintuur,
handschoenen, een hemd,
een cape van wol
en een pijp voor tabak.
Toca preso pero beyaco
guitarría alegremente.
- Toca parente:
Speel snel maar handig
op de vrolijke gitaar.
- Speel, broer:
Sarabanda tenge que tenge…
Dans en dans de sarabande...
43
Juan de Araujo
Fuego de amor
Villancico al Santísimo Sacramento (12-stemmig)
44
¡Fuego de amor,
socorro, ayuda, favor!,
que en una hoguera divina,
propone y destina
ardor y nieve,
cuerpo y comida.
Un galán que sí convida,
vida también nos ofrece,
y tanto su incendio crece,
que muere y vive
por el feliz que recibe
dignamente su favor.
¡Fuego de amor,
socorro, ayuda, favor!,
que el galán que convida,
vida se enciende, se aviva,
se apura, se abrasa
y a un extremo
de amores se pasa,
pasa por ser todo ardor.
¡Fuego de amor,
socorro, ayuda, favor!
Liefdesvuur,
– help, bijstand, genade! –
dat op een goddelijke vuur,
voorstelt en bestemt
gloed en sneeuw,
lichaam en voedsel.
Een heer die wel uitnodigt,
en ons ook leven aanbiedt;
zijn brand groeit zodanig,
dat hij sterft en leeft
voor de gelukkige persoon
die waardig zijn attenties ontvangt.
Liefdesvuur,
–help, bijstand, genade! –
van de heer die uitnodigt,
het leven laait op, wordt sterker,
haast zich, verbrandt,
bereikt een staat
van liefde zo extreem
dat het volledig gloed wordt.
Liefdesvuur,
help, bijstand, genade!
Copla
Amor todo disfrazado,
a do nos da que divino,
vino sacando de infieles,
fieles afectos para sí propicios,
¡Fuego de amor,
porque tiene a las flechas,
hechas a medida
de su corazón!
Liefde, volledig verkleed,
op een manier die ons goddelijk lijkt,
heeft van tussen de ongelovigen,
hem gunstig gezinde, genegen gelovigen gehaald.
Liefdesvuur,
want zijn pijlen
zijn op maat gemaakt
voor zijn hart!
45
Juan de Araujo
Aquí valentones de nombre
Jácara a San Francisco (11-stemmig)
46
Aquí, valentones de nombre,
temerones de fama,
al valentón más divino
diga el santo más de la hampa:
“vaya”,
mas primero nos diga
cómo es su gracia,
los serafines lo dicen,
los querubines lo cantan,
los arcángeles la adoran,
y los ángeles la extrañan.
Ziehier grootnamige valse helden,
grootfamige laffe opscheppers,
een heilige met dezelfde levensstijl
zou de meest goddelijke valse held kunnen zeggen:
“amai”,
maar laat hem ons eerst eens uitleggen
hoe zijn gratie is,
de serafijnen zeggen het,
de cherubijnen zingen het,
en de aartsengelen aanbidden
en de engelen missen haar.
Que parecen enigmas
sus prendas deseo
pues le da lo que tiene,
lo que le falta,
diga: “vaya".
Ik wens voor mij zijn kleren,
die raadsels lijken
want hij geeft hem wat hij heeft,
wat hem ontbreekt,
laat hem zeggen: “amai".
Con ser pobre y humilde
de ello hace gala
y en aquel sayal roto
tiene mil almas,
diga: “vaya".
Hij gaat er prat op
arm en nederig te zijn
en in zijn gebroken saai
heeft hij duizend zielen zitten,
laat hem zeggen: “amai".
Aunque tosco parece
todo lo alcanza,
pues con que me entierren
dicen por gracias,
diga: “vaya".
Al lijkt die saai grof,
hij dient voor alles,
erin begraven worden
is al dankbaarheid,
laat hem zeggen: “amai".
Pues la cuerda que ciñe
quien tal pensara,
nudos tiene y parece
cosa muy llana,
diga: “vaya".
De koord die hij als gordel draagt,
voor wie zo denkt,
heeft knopen en
lijkt heel gewoon,
laat hem zeggen: “amai".
Ella es cuerda y me suena
con ser tan baja
de los cielos que tiene
muchas octavas,
diga: “vaya".
Het is een koord en
al is ze zo laag,
voor mijn oren heeft ze
veel hemelse octaven,
laat hem zeggen: “amai".
Cuando humilde le miro,
con tales llagas
no vi cosa modesta
tan desgarrada,
diga: “vaya".
Als ik nederig naar hem kijk,
met al zijn open wonden...
nooit heb ik iets bescheidens gezien
dat zo aan flarden gescheurd was,
laat hem zeggen: “amai".
47
La Grande Chapelle
La Grande Chapelle is een Spaans
vocaal en instrumentaal ensemble.
Het ensemble dankt haar naam
aan de gelijknamige kapel aan het
Bourgondische en later aan het
Habsburgse hof. Musici waaronder
Nicolás Gombert, Philippe Rogier en
Mateo Romero maakten deel uit van
deze kapel. In 2005 werd het ensemble
opgericht door Ángel Recasens in
samenwerking met componisten uit
verschillende Europese landen. Na
zijn dood in 2007 volgde zijn zoon en
musicoloog Albert Recasens hem op
als dirigent en directeur van La Grande
Chapelle. Het ensemble richt zich op het
religieuze repertoire van de 16de, 17de
en 18de eeuw. Daarenboven streeft het
ensemble ernaar het onbekende Spaans
repertoire onder de aandacht te brengen.
Daarom zet het ensemble ook sterk in
op onderzoek en bronnenstudie. La
Grande Chapelle was reeds te horen op
verschillende belangrijke muziekfestivals
in Spanje en Frankrijk. Zo debuteerde het
ensemble op Musica Sacra Maastricht,
OsterKlang-Festival en op La Cité de
la Musique in Parijs. Ze gaven reeds
concerten in België, Frankrijk, Hongarije,
Mexico, Canada, Japan en China. Hun
repertoire bevat onder andere antifonen
en motetten, de psalm ‘Nisi Dominus’ en
het ‘Magnificat primi toni’. Ze voerden
ook reeds de mis ‘Pro Defunctis’ van
Mateo Romero, ‘Music for the Corpus’
van Joan Pau Pujol en de mis ‘O Gloriosa
Virginum’ van Antonio Rodríguez de
Hita uit. La Grande Chapelle nam reeds
een hele reeks cd’s op waarin ofwel de
relatie tussen muziek en literatuur uit
Spanjes Gouden Eeuw aan bod komt
ofwel religieus werk uit dezelfde periode
in de kijker wordt geplaatst. Talrijke cd’s
uit deze reeksen werden gelauwerd met
prijzen en lovende recensies.
Albert Recasens
muzikale leiding
Albert Recasens
sopraan
Eugenia Boix
Lucía Martín-Cartón
Soledad Cardoso
contratenor
Gabriel Díaz-Cuesta
David Sagastume
tenor
Gerardo López-Gámez
David Hernández-Anfruns
bas
Jesús García-Aréjula
Javier Cuevas
dulciaan / blokfluit
Nicolas André
José Gomes
Silke Gwendolyn Schulze
Carles Cristóbal
Albert Recasens studeerde aan de
conservatoria van Salou en Barcelona,
waarna hij in België belandde aan de
conservatoria van Brugge en Gent.
Terzelfdertijd behaalde hij in 2001
in Leuven zijn diploma musicologie
summa cum laude met een thesis over
Rodríguez de Hita (1722-1787). Al in 1994
richtte Albert Recasens met zijn vader
Ángel Recasens de Capilla Príncipe
de Viana op die in 2005 herbenoemd
werd als La Grande Chapelle, waarmee
hij het muzikale erfgoed van Spanje
onder de aandacht wil brengen. Sinds
2007 is Albert Recasens artistiek leider
van het ensemble. Hij wordt geregeld
uitgenodigd voor masterclasses in
onder andere Mexico, Spanje en België.
Recasens was al meermaals jurylid
van de International Young Artist’s
Presentation die deel uitmaakt van Laus
Polyphoniae.
deSingel debuutconcert
violone
Marta Vicente
Spaanse dubbel harp
Sara Águeda
theorbe
Regina Albanez
orgel
Herman Stinders
deSingel debuutconcert
48
49
muziek in een brief
Welke rol speelt klassieke
muziek in uw leven en dat van
uw (klein-)kinderen? Omdat
we daarnaar zeer benieuwd
zijn, lanceren we volgende
oproep.
Schrijf een brief naar elkaar
en vertel daarin wat jullie zo
mooi vinden aan klassieke
muziek en hoe die muziek
jullie met elkaar verbindt.
Jullie brieven krijgen alvast
een plekje op onze website.
De mooiste verhalen brengen
we voor de camera.
Daar lezen (groot-)ouders en
(klein-)kinderen hun brieven
aan elkaar voor.
Alle brieven van (groot-) ouders en hun (klein-) kinderen graag sturen naar
[email protected]
50
architectuur
dans
theater
muziek
in deSingel
t +32 (0)3 248 28 28
Desguinlei 25
B-2018 Antwerpen
deSingel is een kunstinstelling van de Vlaamse Overheid
www.desingel.be
f deSingelArtCity
mediasponsors